Specials:
NJK kb Amsterdam
WK kb Istanboel
EK kb Chartres

Inge de Bruijn; Oost west, thuis best?

door Oene Rusticus - 21/07/2003, 10:36u.
Bron: Sp!ts  Print Mail een vriend

Met twee wereldbeste seizoenstijden, gezwommen op de NK in april, in haar pocket begint Inge de Bruijn vol vertrouwen aan de WK zwemmen. In Barcelona wordt van 20 tot en met 27 juli gestreden om wereldtitels en olympische kwalificaties. De 29-jarige Barendrechtse is sinds het EK in Istanboel, in 1999, ongeslagen en zal er alles aan doen om die status te handhaven. Ondanks dat ze een turbulent jaar achter de rug heeft en haar trainingsarbeid op vijftig procent lager ligt dan normaal. ,,Ik ga voor goud, ik ga altijd voor het hoogst haalbare. Ik heb zin om te racen. Maar mocht het zijn dat ik zilver haal of brons, of wat dan ook – liever niet – dan moet ik me daar bij neerleggen.’’ Zo begon het voorverhaal van Priscilla Godschalk met de titel 'Oost, west, thuis best?' wat ze schreef voor Sp!ts.

AMSTERDAM - Thuiskomen heeft zijn voor- en nadelen. Dat ervaart ook drievoudig olympisch en wereldkampioene Inge de Bruijn. Ze vindt het heerlijk dat ze weer permanent in Nederland verblijft, haar familie en vrienden vaker ziet, een bruine boterham met kaas en een glas melk altijd weer binnen handbereik heeft. Dit is haar ‘paradijs’, alleen rust kan ze toch nog niet helemaal vinden. Het kopen van een huis, het zoeken én vinden van een hoofdsponsor, tig interviewaanvragen; er zijn hier veel dingen die Madame Butterfly uit het water kunnen houden.

Onder genot van mozarella-tomatensalade en een pasta in het Italiaanse restaurant Roberto’s in het Hilton in Amsterdam erkent De Bruijn een paar weken voor het WK dat het allemaal wel ,,wat hectisch is rondom haar persoontje’’. Ze heeft veel zin in de WK, maar hoe ver ze in Barcelona zal komen, is net als tijdens de NK voor haarzelf de grootste vraag.

Op het koninginnenummer, de 100 meter vrije slag, zal ze definitief niet uitkomen. Door een fikse verkoudheid slaagde de meervoudig olympisch kampioene er tijdens de Mare Nostrum-wedstrijden in juni niet in zich te kwalificeren voor dat nummer. Het startbewijs ging vervolgens naar TZA-clubgenote Chantal Groot. Ook voor de estafettefinales op de 4 x 100 m vrij en 4 x 100 m wissel achtten bondscoach Andre Cats en coach Fedor Hes haar deze week niet fit genoeg. Voor De Bruijn resten daarom slechts de 50 m vlinder en de 50 m vrije slag. ,,Wildcards bestaan niet in het zwemmen en regels zijn regels in Nederland’’ weet De Bruijn. ,,Tijdens de NK was ik al ziek geworden en in Monaco was ik nog steeds aan het kwakkelen. Ik had een voorhoofdsholteontsteking, mijn bijholtes zaten helemaal vol. We hadden afgesproken dat ik alleen de series zou zwemmen op de 100 vrij, omdat ik me daarin normaal gesproken al zou kwalificeren. Helaas. Vanaf dat ik serieus met zwemmen bezig ben, is het de eerste keer dat ik een limiet niet haal, terwijl dat normaal altijd heel gemakkelijk voor mij is geweest. Ik weet dat het er een keer van moest komen, het gaat nu al zólang goed. Maar eerlijk gezegd had ik het nu niet verwacht. En daar baal ik van.’’

Het draait bij De Bruijn nog steeds alleen om titels. Hoewel ‘Inky’ zich inmiddels bijna kan behangen met haar gouden plakken en in het bezit is van alle denkbare titels, is de zucht naar meer overwinningen nog steeds aanwezig. De lat blijft hoog liggen, ondanks alle drukte die onder andere voortvloeide uit de breuk met haar voormalige coach Paul Bergen, afgelopen maart. ,,Interviews, zwemstages, een huis en een nieuwe sponsor, Princess (naast de Staatsloterijshow en Speedo, red); het vroeg allemaal tijd en energie, waardoor het trainen er wat bij is ingeschoten. Dat betekent niet dat ik er niet voor ga, maar dit zijn ook dingen die moeten gebeuren.’’

Het leven in Nederland staat momenteel in schil contrast met de rustige, Amerikaanse levenswijze van De Bruijn in Portland. Heel soms, vooral in drukke periodes, kijkt ze even met heimwee terug. ,,In Nederland is het gewoon druk. Maar de eenzaamheid in Amerika trok ik niet meer. Ik heb het daar altijd moeilijk gehad. Als ik er eenmaal zat, het trainen steeds beter ging en ik hier terugkwam en merkte ‘Wow, het is weer goed geweest in Amerika’, ja, dan was ik blij. En ook met alle dingen die ik ervoor terug kreeg: gouden plakken, reizen, alles. Maar vaak was het ook echt door de zure appel heen bijten. Elke dag van vijf tot zeven trainen, eten, hardlopen, een dutje doen, ’s middags weer een zwemtraining van 2,5 uur en dan krachttraining, hardlopen of touwklimmen, eten en om negen uur naar bed. Ik móest zeven uur slapen. Ik had twee ochtenden in de week vrij en de hele zondag. Zaterdag was hell-day. Dat was alleen maar kilometers maken en zware setjes. Vervolgens hardlopen of fietsen. Je kon aan het einde geen boe of ba meer zeggen; heel je weekeinde was naar de knoppen.’’

,,En ik ben nu eenmaal een persoon die slecht alleen kan zijn’’, verzucht De Bruijn. ,,Ik kom uit een groot gezin, hecht heel veel waarde aan familie. Als je dan in Nederland bent, claimt iedereen je en is het voor mij heel moeilijk om het allemaal een plekje te geven. Om daarin de juiste balans te vinden, ben ik nog niet helemaal geslaagd moet ik eerlijk zeggen.’’

Toch heeft De Bruijn geen spijt van haar keuze. ,,Dat thuisgevoel is zó lekker. Ik train in Amsterdam, maar in het weekeinde ben ik zo snel mogelijk weer in Barendrecht. Bij mijn nichtje en mijn neefje. Voor mijzelf staat kinderen krijgen op een lager plan. Eerst volgend jaar de Olympische Spelen in Athene. Ik heb ook nog niet zo sterk behoefte aan kinderen. Komt doordat je nog zoveel keuzes maakt voor het zwemmen en je daarop focust. Ik reis veel, ben er nooit; settelen komt later wel. En tot die tijd zijn mijn zus d’r kinderen ook een beetje mijn baby's. Het zijn echt heerlijke boefjes.’’

,,Wat ik ook fijn vind, is dat ik weer op verjaardagen van de partij ben. En tijdens een picknick met de hele familie op speciale familiedagen. Met zo’n dertig man, gezellig joh! Dat is voor mij ontspanning. Krijg ik een goed gevoel van en dat heeft zijn uitwerking op het zwemmen. In Amerika heb ik veel telefonisch contact gehad met mijn familie. De rekeningen waren huizenhoog. Het hotel was erg blij met mij. Máár, die afzondering, de focus, daar was ook wel weer wat voor te zeggen. Op de een of andere vreemde manier heeft het dus allebei wel wat, waardoor ik me happy voel.’’

Het meest miste De Bruijn in Amerika nog haar tweelingzus Jakline. ,,Daar heb ik een hele sterke band mee. Echt zo’n aparte band zoals ze wel eens over tweelingen zeggen. Zij weet precies wat er aan de hand is, ze is mijn hartsvriendin. Eén blik is al genoeg bij ons. Jak is mijn 'allesie'.’’ Maar ook haar moeder. ,,Mijn moeder is een geweldig mens, en super sterk. Zeker als je drie kinderen in je eentje opvoed, chapeau! Een standbeeld zou ze moeten krijgen.’’

De bewondering voor haar moeder steekt De Bruijn niet onder stoelen of banken. Aan haar vader is elk woord teveel besteed. ,,Dat is voor ons een gesloten boek. Daarvoor is teveel gebeurd. Mijn moeder is met ons bij hem weggegaan en dat is niet voor niets geweest. Het enige wat ik heb gemist is een vaderfiguur. Dat heeft ieder kind nodig, maar mijn moeder heeft beide rollen op zich genomen. En we zijn allemaal goed terechtgekomen, daarom ben ik zo trots op haar.’’

De Bruijn zegt sterker en zelfstandiger te zijn geworden door de scheiding. ,,Op 11-jarige leeftijd moest ik bijvoorbeeld al alleen met de trein naar Dordrecht om te trainen. Mijn moeder had geen auto, dus het kon ook niet anders. Ik denk dat een scheiding uiteindelijk sowieso een persoon sterker maakt. Je gaat toch meer over dingen nadenken, zelf oplossingen zoeken. Het vormt je. Het zijn dingen in het leven die je moet verwerken en waar je sterker kan uitkomen. Iets waarop je een overwinning kunt boeken. Leven is een competitie. Wil je altijd winnen, dan moet je ook grenzen verleggen. Dat is juist het mooie. Het zou niet fijn zijn als alles maar van een leien dakje gaat. Ik vind dat je altijd ergens voor moet werken, wil je er voldoening uitkrijgen.’’

Deze opvatting werd binnen het zwemmen voor De Bruijn wel bevestigd in Amerika. Onder het toeziend oog van coach Bergen beulde ze zich dagelijks af en de uit het resultaat vloeiende voldoening mocht er zijn. Naast handen vol medailles en wereldrecords, heeft de sportvrouw van 2001 in maart ook een flinke dosis zelfvertrouwen uit de VS meegenomen. ,,Bergen heeft mij mentaal heel sterk gemaakt op bepaalde vlakken. Vroeger hoefde iemand mij maar een duwtje te geven voor de start – dat is echt gebeurd – en dan verloor ik door de zenuwen al de wedstrijd voor de start. Dat heb ik niet meer. En dat is het verhaal van Bergen.’’

,,Van het vele trainen kreeg ik een boost. Zeker als het per week steeds weer beter ging, gaf dat een stoot zelfvertrouwen. Bergen wist mij heel erg op mijn plek te houden. Toen mijn opa bijvoorbeeld overleed, mocht ik niet van hem naar Nederland voor de begrafenis. Ik vond dat heel erg. Ik moest me namelijk kwalificeren voor de WK in Perth (1998, red). Bergen zei dat dat niet zou lukken met een jetlag en teveel emoties. ‘Kwalificeer je maar voor je opa’, zei hij en met die instelling ben ik naar die WK-kwalificatie gegaan en zwom ik die limieten. Omdat ik er daarvoor een jaar was uitgeweest, was dit voor mij een hele prestatie, een overwinning. Zo ook op het gebied van krachttraining en hardlopen: van beide was ik geen fan. Maar ik heb geleerd te denken dat ik deze dingen nodig heb om tot bepaalde prestaties te kunnen komen.’’

,,Ik heb geen angst meer’’, zegt De Bruijn. ,,Ook al zou het een keer fout gaan, ik heb er alles aan gedaan. Soms is het je moment niet en dan kan ik ook gewoon iemand de hand schudden. Iets wat voor mij langzamerhand toch heel raar is als je al vier jaar lang ongeslagen bent. Dat gevoel van verliezen ken ik niet meer. Maar goed, André Agassi, Michael Jordan, noem maar op, ze kunnen allemaal verliezen. En ik ben ook maar een mens.’’

Het is voor De Bruijn een moeilijke keuze geweest het vertrouwde nest aan de overkant van de oceaan te verlaten. Met name een onzekere. ,,In Nederland ben ik voorheen ook tot goede prestaties gekomen, maar de aandacht van Bergen mis ik nu toch in zekere zin. Het is heel apart. Iedere coach is anders, heeft zijn eigen aanpak. Ik heb gezien dat ik bij Fedor Hes ook tot goede prestaties kom en Bergen heeft gezegd: ‘Het maakt niet uit bij wie je traint, als je het maar goed doet. Alleen dan kom je er. Talent heb je, maar je moet wel blijven volhouden en doorgaan’. Ik wil het ook echt mooi afmaken en afsluiten volgend jaar in Athene. Dat is mijn streven. Coach Bergen heeft wel voorop gesteld dat de WK nu niet het allerbelangrijkste is. Dat heb ik in mijn achterhoofd. Ik wil in Barcelona vlammen, dat wel, maar Athene is het hoofddoel.’’

Knappe vierde plaats van de vrouwenestafette

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 20:21u.
Bron: Swimjos  Print Mail een vriend

De ploeg van de Verenigde Staten heeft de 4x100 meter vrije slag gewonnen, maar het Nederlandse kwartet kwam met haar vierde plaats meer dan uitstekend voor de dag. Manon van Rooijen was iets sneller dan in de series en zij opende in 56.28. Meer dan een zesde plaats was dat niet waard, maar voor Marleen Veldhuis geen reden om de moed te laten zakken. Met een overnametijd van 0,23 kreeg zij op haar eerste vijftig de aansluiting weer te pakken en keerde na een split van 54.23 als vijfde, nog steeds in de buurt van de leidende ploegen. Opnieuw wisselde Annabel Kosten scherp met 0,12 en haar tussentijd was 55.74. Voor Chantal Groot gold dat zij geen risico wilde nemen en zij wachtte 0,43 voor zij los was van het blok. De daarna volgende sprint van 54.79 bracht haar echter voorbij China en Zweden, waar Alshammar slechts voor 55.63 tekende. In het zicht van de finish pakte zij ook de Britse oudgediende Pickering en dat betekende tenslotte in dit sterke veld een vierde plaats in 3.41.04. Die positie geeft in het Olympisch jaar recht op extra faciliteiten en begeleiding in het kader van een speciaal speerpuntenbeleid. Dat leek alleen weggelegd voor de mannen. In de sport is echter niets zeker.
De USA dat het door een technische storing zonder volkslied moest doen bij de huldiging werd eerste in 3.38.09, gevolgd door Duitsland in 3.38.73 en Australie in 3.38.83. Beide landen hadden bij het ingaan van de laatste honderd nog een nipte voorsprong. Toen kwam echter de estafettekoningin van de OS en WK, Jenny Thompson haar klasse tonen met een slotrondje van 53.44!!!
In De Telegraaf gingen de dames in op het feit dat Inge de Bruijn niet in de estafette was opgenomen: (-)Een blik op het onverbiddelijk doortikkende uurwerk zette het kwartet Manon van Rooijen, Marleen Veldhuis, Annabel Kosten en Chantal Groot weer snel met beide benen op Spaanse grond. “We moeten de achterstand op die drie landen niet uit het oog verliezen”, wees Kosten, de vervanger van Inge de Bruijn, op het gat van 2,21 seconden dat het viertal van het erepodium scheidde. “Willen we onszelf voor de Olympische Spelen van Athene als medaillekandidaat beschouwen, dan zal er nog heel hard getraind moeten worden. Ook met De Bruijn in de gelederen.”
Dat de 3.41,04 zonder inbreng van de drievoudig olympisch kampioene tot stand kwam werd niet als gemiste kans gezien. “Tijdens de Europese kampioenschappen van vorig jaar in Berlijn moesten we Duitsland èn Zweden voor laten, nu alleen die Duitsen”, constateerde Veldhuis tevreden. “Wat dat betreft is dit dus een stap voorwaarts. Het niet opstellen van De Bruijn is een moeilijke keuze geweest. De beslissing is door anderen genomen, maar ons is wel naar onze mening gevraagd. Het aanvankelijke besluit stond niet bij voorbaat vast. Gezien het feit dat ze dit jaar nog geen goede tijd gezwommen heeft, is het een goede beslissing geweest.”
Bij ontstentenis van De Bruijn, die zelfs in vorm niet in staat mocht worden geacht dergelijke kloven te slechten, was het Veldhuis die met de snelste splittijd (54,23) het viertal op sleeptouw nam. De eerlijkheid gebood haar te bekennen dat ze bij het betreden van het volle Palau Sant Jordi enigszins last kreeg van plankenkoorts.
“Ineens besef je dat je op een WK staat, temidden van de beste zwemmers ter wereld. Die ambiance, het ongelofelijke geluid dat van de tribunes komt, geeft dat je iets extra’s kunt geven. In de aanloop naar dit toernooi twijfelde ik nog een beetje aan mijn vorm. Maar dat is nu in één klap voorbij.” (-)


Bij de foto v.l.n.r Annabel Kosten, Manon van Rooijen, Marleen Veldhuis en Chantal Groot.

De mannenestafette was een pure thriller, waarbij het ontzettend zuur was dat Nederland ontbrak. Het goud was niet voor de eeuwige favorieten Verenigde Staten of Australie, maar was voor de Russen onder aanvoering van Alexander Popov, wiens magistrale 47.71 te veel was voor de Amerikaan Jason Lezak en diens 47.89. De verrassing was echter de Franse ploeg, waarin ankerzwemmer Frederick Bousquet met 47.03 de snelste estafettetijd van PVDH twee jaar geleden tot op 0,01 benaderde. Regerend wereldkampioen Australie werd daardoor van het podium gehouden omdat Thorpe met zijn 47.98 de dupe werd van de rush van de rappe in Amerika studerende Fransman.
Rusland zwom met 2.14.08 een nieuw Europees record, dat in handen was van Nederland.
Nederland zou in de achteraf gesproken sterkste bezetting met Kenkhuis, Zastrow, Zwering en Van den Hoogenband wel degelijk hebben kunnen meedoen in de strijd om de prijzen. Dan moet je echter eerst de finale halen.
Popov torpedeert droom Thorpe

Ian Thorpe was de beste op de 400 vrij. De vuist ging, na enig nadenken en bedenkelijk kijken, omhoog. De tijd viel vies tegen: 3.42,58, tweeënhalve seconde verwijderd van zijn wereldrecord. Het kan aan de belijning liggen die golven tegenhoudt of de vorm laat na de trainerswissel wellicht te wensen over, maar zijn met veel poeha gepresenteerde revolutionaire Adidaspak laat hem vooralsnog niet over of door het water vliegen. Thorpe schudde halfkoers wel met opvallend gemak zijn landgenoot Grant Hackett af, in een nog altijd vlekkeloze stijl.

Bij de vrouwen werd de Duitse Hannah Stockbauer wereldkampioene op deze afstand. Na 350 meter keerde ze nog bijna gelijktijdig met de Hongaarse Eva Risztov en de Amerikaanse Diana Munz. In de lange eindsprint viel de laatste het eerst af. Risztov, met het hoge armtempo van de jonge zwemster, leek even op vechtlust te zegevieren. De techniek van Stockbauer - lang blijven zwemmen en op een schitterende manier het water pakkend tot het eind - gaf echter de doorslag.
De Duitse finishte na 4.06,75. Het kampioenschapsrecord van de Australische Tracey Wickham (4.06,28, Berlijn) staat na 25 jaar nog altijd overeind. Aan het wereldrecord van Janet Evans (4.03,85, Seoul 1988) hoeft voorlopig ook nog niemand te denken.


Groot, Dekker en Keizer niet in de finale

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 19:20u.
Bron: Swimjos  Print Mail een vriend

Geen van de drie halve finalisten is er in geslaagd op de eerste dag de finale te bereiken. Chantal Groot leverde daarbij de beste prestatie, want haar 59.58 was niet alleen een persoonlijk record, maar tevens goed voor de Olympische limiet (59.67). De Amsterdamse keerde in 27.91 en werd in de eerste halve finale vijfde. Lange tijd lag Inge Dekker in gunstige positie, maar zij verslikte zich op de tweede baan en verspeelde enkele honderdsten van een seconden. De 59.74 was uiteindelijk goed voor een dertiende plaats. "Nu eerst vakantie, want het was een heel zwaar jaar met drie keer taperen en mijn VWO-examen."
Jenny Thompson en Martina Moravcova gaan ongetwijfeld uitmaken wie de wereldtitel van Petria Thomas, herstellende van een schouderoperatie, gaat overnemen. Om in de finale te komen was 59.28 noodzakelijk.
Een maand geleden won Oris keizer ongetaperd de prestigieuze klassementssprint van de Mare Nostrumwedstrijden in Monaco. Zijn 23.68 beloofde veel, maar in Barcelona kwam de Philipsprofessional er niet aan te pas. Met 24.16 en de zevende plek in de tweede halve finale was er wederom een teleurstellende score van een Nederlander. Om in de finale te komen moest 23.91 gezwommen worden.
Internationaal viel er veel te genieten met de derde wereldtitel van Ian Thorpe op rij op de 400 vrij in 3.42.58. Hij bleef wel tweeenhalve seconde boven zijn wereldrecord. Bij de dames ging de titel in 4.06.75 naar de Duitse Hanna Stockbauer. Zij duelleerde op grootse wijze met de Hongaarse Eva Risztov.

Nederlandse dames vol overtuiging naar finale

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 15:22u.
Bron: swimjos  Print Mail een vriend

Het leek niet eens zo'n eenvoudige opgave om de finale te bereiken op de 4x100 meter vrije slag, waarop achttien ploegen waren ingeschreven. Rond de 3.44 zwemmen was een eerste vereiste en de opening van Manon van Rooijen (56.42) gaf absoluut geen aanleiding tot groot optimisme. Twijfels werden echter weggenomen toen Marleen Veldhuis na haar veilige overname (0,31) geweldig doortrok en Nederland door haar aandeel van 54.91 aan de leiding bracht. Dat gaf Annabel Kosten (overnametijd 0,10) vleugeltjes, want de Amersfoortse, die in Sydney niet in actie kwam en ook de EK en WK in de jaren daarna miste, was met 55.65 sneller dan ooit.
Bij het ingaan van de laatste honderd meter moest Chantal Groot de zaak consolideren en dat deed zij met een persoonlijk snelste split van 54.76! Bovendien was haar overname ook solide en zeker: 0.42; aardige bijkomstigheid van dit alles was ook het ruimschoots voldoen aan de Olympische limiet. Inderdaad was 3.44.53 vereist om een finaleplaats te garanderen.

Of Oranje medaille-kansen heeft hangt af van de eigen mogelijkheden en het feit hoeveel reserves andere landen hebben ingezet. Australie kwam net als Nederland op volle sterkte, maar Duitsland en de USA (Thompson en Coughlin) hebben nog wat troeven achter hand gehouden. De vier nederlandse dames waren het er over eens, dat zij vanavond allemaal sneller kunnen gaan. Zeker Manon van Rooijen, die niet erg gelukkig was met haar openingstijd.
De serievolgorde van de snelste tien ploegen was als volgt: Australië 3.41.16; Groot-Brittannië 3.41.68; Nederland 3.41.74; Duitsland 3.42.77; Zweden 3.42.89; USA 3.43.14; China 3.43.36; Italië 3.44.53 9. Korea 3.45.46; Griekenland 3.46.35.


Dramatische uitschakeling estafette-mannen

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 14:37u.
Bron: Swimjos  Print Mail een vriend

Het zou wel eens het hoogtepunt van de eerste dag kunnen worden, de medaille die klaar lag voor de mannenestafetteploeg op de 4x100 meter vrije slag. Dat was de prognose van vele kenners, inclusief die van schrijver dezes. Niet dus! Het werd een drama, want het kwartet Kenkhuis, Zwering, Damen, Holst slaagde er niet in de finale te bereiken. Bittere teleurstelling en verbijstering, ongeloof en geen verklaringen voor het hopeloos achter blijven van de totale ploeg. Dat overheerste in de nabeschouwingen van de zondagochtend.
Na drie series was duidelijk dat een tijd onder de 3.18.73 (Zuid-Afrika) voldoende zou zijn en iedereen ging er even voor zitten. Snel was echter duidelijk dat het raceverloop minder gunstig verliep dan was verondersteld. Met 50.18 bleef startzwemmer Johan Kenkhuis absoluut onder de maat, maar Klaas-Erik Zwering hield Nederland in de wedstrijd na 49.39. Hij verwachtte binnen de 49 seconden te blijven, dus dat viel niet mee. De overname van Gijs Damen was met 0,42 eigenlijk te zeker, maar de Bredanaar (50.54) slaagde er helaas niet in om een hoog tempo te zwemmen. Dat kostte veel tijd en ondanks een voortreffelijke 49.25 van Ewout Holst was dat bij lange na niet genoeg om een finaleplaats af te dwingen: 3.19.36 was gewoon te langzaam. Terwijl andere favorieten zoals Australië en de USA en na vanochtend ook Rusland zonder kleerscheuren de series overleefden, dropen de Nederlanders af. Australie gokte wel goed: de wereldkampioen start vanavond in baan 8, maar staat wel in de finale!!!!
De serieuitslag was: 1. Rusland 3.16.17 2. USA 3.16.98 3. Frankrijk 3.17.51 4. Duitsland 3.17.53 5. Italie 3.17.66 6. Canada 3.18.51 7. Zuid-Afrika 3.18.73 8. Australie 3.18.73 9. Zweden 3.19.22 10. Nederland 3.19.36.
De 4x100 meter vrije slag is een van de estafettespeerpunten, tijdens de voorbereiding was er een speciaal apparaat om overnames te oefenen. Niettemin ging het in de series 'op zeker'. Enige troost: de Olympische limiet is binnen en wellicht de prikkel dat er na de diskwalificatie in Sydney en de teleurstellende vierde plaats bij de EK in Berlijn een mentale ommekeer moet komen om volgend jaar in Athene.
Het was bij de mannen, uitgezonderd bij Keizer, geen beste dag. De verkrampt zwemmende Thijs van Valkengoed moest ervaren dat je gestelde doelen bij NK of EJK kennelijk gemakkelijker te realiseren zijn dan bij een WK. Hoewel hij zei niet zenuwachtig te zijn geweest, verliep zijn aandeel in de 100 meter schoolslag veel minder vlot dan verwacht. "Ik kon niet in mijn ritme komen en dan wil je de tweede vijftig toch proberen om zo goed mogelijk te gaan. Dat lukte niet. Dit valt me verschrikkelijk tegen." Na 1.02.95 zag de Nederlandse recordhouder (1.01.80) zich terug op een onbeduidende 27-ste plaats. Van Valkengoed was niet de enige voormalige Europese jeugdkampioen, die buiten de boot viel. Ook Dimitri Komornikov, inmiddels wereldrecordhouder op de 200 meter, mag vanavond thuis blijven. Hij werd 21-ste in 1.02.57.

Inge de Bruijn en zwemmen, da’s dus Echte Liefde

door Oene Rusticus - 20/07/2003, 12:11u.
Bron: De Telegraaf  Print Mail een vriend

Inge de Bruijn strijdt op WK Barcelona voor behoud ongeslagen status, daarover praatte zij met Telegraaf reporter Luuk Blijboom.

Ter verduidelijking (en eigenlijk volkomen overbodig): Inge de Bruijn en zwemmen, da’s dus Echte Liefde. De drievoudig olympisch kampioene kan het niet vaak genoeg benadrukken: ze is naar de wereldkampioenschappen langebaan in Barcelona gekomen om te zwemmen, hárd te zwemmen, en haar nu al vier jaar durende ongeslagen status ook op de 50 meter vrije slag en de 50 vlinder te behouden. “Ik ben veel te trots op die positie om me frivoliteiten te permitteren.”

Echt, ze heeft zin heeft in haar inmiddels vijfde WK, kijkt reikhalzend uit naar de twee confrontaties op de sprintnummers en heeft zich de laatste maanden gedegen voorbereid. In het jargon van De Bruijn: ze is ‘toppiejoppie’.

Deze week nog kwam een Amerikaanse journalist naar haar toe, die in alle ernst vroeg of De Bruijn de afgelopen twee jaar wellicht op vakantie was geweest. “Blijkbaar is het voor de buitenwacht moeilijk te begrijpen dat het soms niet zo slecht is een keer een stapje terug te doen en een EK te laten schieten.” Het is maar een van de verhalen die, naar haar zeggen, over haar de ronde doen. “Ik zou tijdens verplichtingen voor een van mijn sponsors in Marbella trainingen hebben verzuimd, niet volledig voor mijn sport leven. Terwijl ik daar iedere ochtend anderhalf uur in het water heb gelegen. Het stoort me dat me op deze manier onrecht wordt aangedaan. Ik ga zeer professioneel met mijn sport om, anders had ik nooit de afgelopen vier jaar die resultaten kunnen boeken.”

Haar absentie in de Catalaanse hoofdstad op de 100 vrij en de estafettenummers laat zich door de 29-jarige TZA-zwemster verrassend eenvoudig verklaren. De aanloop naar de selectiewedstrijden werd gekenmerkt door het afscheid van haar Amerikaanse trainer Paul Bergen, met wie ze vanaf 1997 samen werkte. Door die omstandigheid niet optimaal voorbereid zwom Madam Butterfly begin mei tijdens de Nederlandse kampioenschappen in Amsterdam zowel op de 50 vlinder (25,89) als de 50 vrij (24,80) twee beste wereldseizoentijden. “Maar tijdens de laatste dag van de NK, toen de 100 vrij op het programma stond, en bij de Mare Nostrum in Monaco werd ik ziek, waardoor ik mijn WK-kwalificatie op dat nummer mis liep. Je weet nu eenmaal dat je er daar moet staan. Ik heb mijn kans gehad en verspeeld. Omdat er in het zwemmen geen ‘wild cards’ bestaan, gaat jouw plek dan naar iemand anders, dat is logisch. Regels zijn regels, daar houd ik me aan. De bondscoach vindt voor de estafette iemand anders beter, nou, dan leg ik me daar bij neer. Ook al vind ik dat geen slimme keuze. Maar ik weet voor mezelf dat ik in ieder geval de strijd wel aan ga. Er zijn zat andere toppers, zoals Franziska van Almsick, die dat niet kunnen of durven en hebben afgezegd voor dit toernooi.”

Die bondscoach, André Cats, is overtuigd van zijn gelijk De Bruijn meteen ook maar niet aan te wijzen voor de 4 x 100 vrij, al heeft ze daar als vierde geplaatste zwemster formeel wèl recht op. “Je kúnt zowel een 50 als een 100 meter goed zwemmen, maar het is geen garantie dat je als je de ene afstand goed zwemt, je op de andere ook schittert. In Monaco, waar ze niet helemaal fit was, werd helder dat ze niet op de 100 vrij kon starten. Zit je één seconde verwijderd van het gewenste niveau, dan is het verschil nog te overbruggen. Maar klok je 55,8, dan is er sprake van een tè groot gat. Het is niet reëel te veronderstellen dat er dan op de WK ineens een 54’er op de klokken komt te staan.” Onverbiddelijk: “We moeten de realiteit onder ogen zien en ergens een streep trekken, ook al heeft diegene drie maal olympisch goud op zak. Er is gekozen voor de 50-meternummers. En die zijn WK-waardig. Starten op de 100 zou een te groot avontuur worden.”

Ofschoon Cats er van overtuigd is dat De Bruijn zijn beslissing begrijpt, kost het de zwemster moeite zich neer te leggen bij het besluit dat de bondscoach nam in overleg met TZA-trainer Fedor Hes, vooral gezien het feit dat ze formeel recht heeft op een startplaats. Niet, dus. “Gekwalificeerd is gekwalificeerd”, vindt De Bruijn. “Eigenlijk is het een heel vreemde gewaarwording dat ik wel wíl, maar niet mág zwemmen. Ik ben tien keer beter in vorm dan in Monaco. Tijdens het laatste trainingskamp in Montpellier zwom ik nog, handgeklokt, 24,2 op de 50 vrij. Ik weet zeker dat ik het hier niet slecht had gedaan.”

Halve finale geen probleem voor Joris Keizer

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 11:36u.
Bron: Swimjos  Print Mail een vriend

Zestien series 50 meter vlinderslag met deelnemers uit zeer vele landen, dat is de WK-praktijk van 2003. Joris Keizer kwam in de laatste heat op het blok en na een wat trage opening finishte hij als vijfde in 24.16. De aanvoerder van de wereldranglijst van dit jaar(23.68) kwalificeerde zich daarmee als negende voor de halve finales. "Ik ben geen ochtendmens en dus ben ik niet ontevreden. De trainingen zijn heel goed gegaan, dus ik heb alle vertrouwen dat ik vanavond onder de 24 seconden kom. En dan moet een finale er in zitten", analyseerde Keizer. Niettemin zal hij echt op scherp moeten staan, want sommige favorieten lieten al merken er zin in te hebben. Anderen, zoals de geroutineerde Mark Foster, Lars Frolander en de Zuid/Afrikaan Roland Schoeman, lieten het achterste van hun tong nog niet zien. De Amerikaanse sprinter Neil Walker werd na 24.51 uitgeschakeld.
De beste zestien: Ian Crocker, USA 23.73; Geoff Huegill, AUS en Evgueni Korotychkine, RUS 23.75; Thomas Rupprath, GER 23.76; Andrii Serdinov, RUS 23.90; Fernando Scherer, BRA 24.04; Jere Hard, FIN 24.12; Mintenko, CAN 24.14; Keizer, NED 24.16; Lars Frolander, SWE 24.17; Schoeman, RSA 24.21; Welsh, AUS 24.23; Breus, UKR 24.28; Foster, GBR 24.34; Takayasu, JPN 24.43 en Gaspar, HUN 24.44+

Revolutionair zwempak moet VDH sneller maken

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 10:30u.
Bron: AD  Print Mail een vriend

Na de persconferentie van Nike en de presentatie van het speciale team onder aanvoering van Pieter van den Hoogenband, besteedde het AD aandacht aan het nieuwe concept met bijbehorende prognoses.

"In zijn nieuwe, revolutionaire zwempak kan Pieter van den Hoogenband zijn eigen wereldrecord op de 100 meter vrije slag met zeker tweetiende verbeteren. Dat beweert althans zijn kledingsponsor Nike.
In zijn oude Speedo-zwembroek met lange pijpen zwom Van den Hoogenband op de Spelen in Sydney de snelste tijd ooit van 47.84. In zijn nieuwe broek zou VDH er volgens Nike 47.75 over doen; in afstand gemeten een winst van 19 centimeter. In een pak dat ook het bovenlijf bedekt, zou Van den Hoogenband 38 centimeter winnen en 47.66 kunnen zwemmen.

Nike berekende deze uitkomst aan de hand van tests in bassins en windtunnels. De zwempakken, met zo min mogelijk naden, hebben plakstripjes bij enkels en schouder. Dat wekt minder wrijving op met het water.
Aan het ontwerp Swift Swim - een variant op de aërodynamisch schaatspakken Swift Skin en het voor wielrenner Lance Armstrong ontworpen tenue Swift Spin - werkten veertig wetenschappers mee. Zij testten de afgelopen achttien maanden in stromingsbassins veertig prototypes en 33 verschillende materialen.

Van den Hoogenband zal op de WK in Barcelona (vanaf zondag) alleen in nieuwe broek zwemmen. Hij vreest dat het gunstige effect van zijn lichaamsbouw, met karakteristieke kuil in de borst, door het lange pak teniet wordt gedaan. ,,Ik ben nog niet overtuigd van het nut van een volledig pak en ik vind het niet lekker zitten. Maar voor de Spelen in Athene ga ik er wel mee experimenteren. Als blijkt dat het scheelt, zou ik gek zijn als ik het niet ga dragen.''
Van den Hoogenband is overigens wel van plan zijn wereldrecord in Barcelona te verbeteren. Met of zonder revolutionair zwempak.




Inge Dekker en Chantal Groot door op 100 vlinder

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 09:53u.
Bron: Swimjos  Print Mail een vriend

Inge Dekker en Chantal Groot hebben zich geplaatst voor de halve finales 100 meter vlinderslag. Dekker deed dat met de meeste overtuiging met een tiende plaats in 59.72, een persoonlijk record. Zij bleef slechts 0,05 boven de Olympische limiet (59.67). Na 50 meter keerde de als negentiende geplaatste debutante in haar serie als tweede in 27.92. Iets beter aantikken had een nog snellere tijd kunnen opleveren. De serie werd gewonnen door de voormalige wereldrecordhoudster Jenny Thompson. De 30-jarige Amerikaanse noteerde 58.14 en vestigde meteen een kampioenschapsrecord.
Voor Chantal Groot verliep de race aanvankelijk heel goed. Zij was in de voorlaatste van de acht series als vierde bij de muur (28.03), maar had het vooral in de laatste meters erg moeilijk. Zij bleef met 1.00.13 net boven de minuut, maar het was wel de zestiende tijd. De uitslag laat echter zien dat de verschillen miniem zijn.
De snelste zestien van de series: Thompson, USA 58.14; Moravcova, SVK 58.64; Jedrzejczak, POL 58.89; Kammerling, SWE en Coughlin, USA 59.05; Popchanka, BLR 59.33; Sjoeberg, SWE 59.60; Borochovskyi, ISR 59.66; Zhou, CHN 59.69; Dekker, NED 59.72; Schipper, AUS 59.90; Button, CAN 1.00.01; Nakanishi, JPN 1.00.02; Mehlhorn, GER 1.00.08; Onishi, JPN 1.00.09; Groot, NED 1.00.13;

Van Valkengoed kan nog stuk sneller

door Jos van Kuijeren - 20/07/2003, 09:13u.
Bron: Zwolse Courant  Print Mail een vriend

In de regionale kranten rond Flevoland verscheen een bijdrage over het WK-debuut van Thijs van Valkengoed, die vandaag aan de start komt op de 100 meter schoolslag.

Door Anton van Gerner
LELYSTAD – Thijs van Valkengoed vond het vreemd om zijn naam met dikke letters in de landelijke kranten te zien. En ook wel leuk. Maar hij raakt er niet van in de war. Meer druk? ‘Ik leg mezelf druk op, dat heb ik nodig.’ De schoolslagspecialist uit Lelystad wil op het wereldkampioenschap zwemmen in Barcelona zichzelf opnieuw verbeteren. De kop boven dit verhaal zal hem eerder stimuleren dan blokkeren.

Thijs van Valkengoed reeg als junior al de records aaneen. Dit seizoen debuteerde hij als senior op het Europees kampioenschap met een zevende plaats op de 200 meter korte baan. De échte doorbraak bij het grote publiek beleefde de Lelystedeling echter pas in april tijdens het Nederlands kampioenschap. Met drie titels (50, 100 en 200 meter schoolslag) en twee nationale records (100 en 200 meter) was Van Valkengoed de blikvanger. ‘Dan kom je opeens op Studio Sport en in de landelijke kranten. Dat is een hele verandering, voorheen hadden alleen de regionale media interesse. Op zich vond ik het wel leuk om al die verhalen over mezelf te lezen. Ik weet niet precies wat ik er van moet vinden. Het is leuk, maar het maakt me verder niet veel uit wat er wordt geschreven. Ik zwem altijd zo hard mogelijk op de wedstrijden waar ik wil pieken. De mensen zullen wel zeggen dat er meer druk op staat omdat ik nu een stukje bekender ben. Maar ik wil goed presteren voor mezelf, niet om de lezers tevreden te stellen of zo.’
Presteren wil Van Valkengoed, die vlak voor het WK zijn twintigste verjaardag vierde, ook in het zwembad dat speciaal voor het WK in het Paulau Sant Jordi in Barcelona wordt aangelegd. Het toernooi begint voor de zwemmer van het profteam Top Zwemmen Amsterdam (TZA) op 20 juli met de 100 meter schoolslag. ‘Het wereldkampioenschap is een nieuwe ervaring voor mij. Maar ik probeer het nuchter te zien: een zwembad is een zwembad. Natuurlijk is de entourage anders, dat zie ik als een leermoment. Daar moet je mee kunnen omgaan, of zelfs als extra energiebron zien.’

Het zou kunnen helpen om zijn doel, finaleplaatsen en het scherper stellen van zijn persoonlijke toptijden, te bereiken. Gezien de progressie die Van Valkengoed boekt, is het helemaal niet ondenkbaar dat dat gaat lukken. Op de wereldranglijst van dit seizoen neemt Van Valkengoed op de 100 meter de negende plaats in, op de 200 meter zelfs de zevende. ‘Er is dus gewoon een reële kans dat ik de finale kan halen. Net als op het EK wil ik mezelf verbeteren. Die drang heb ik, die druk leg ik mezelf ook op. Hoeveel sneller kan het, waar kan ik me verbeteren? Ik ben ervan overtuigd dat het nog een stuk sneller kan. Als ik op de 200 meter laag in de 2.12 zwem en maar net buiten de finale val, heb ik weinig te mopperen omdat het een toptijd is. Als ik de finale haal met een tijd van 2.14 heb ik wel reden om te klagen.’

Maar klagen doet Van Valkengoed niet. Hij schiet als een komeet omhoog op de ranglijsten. ‘Sinds het Europees jeugdkampioenschap in 2000 maak ik progressie, maar het afgelopen jaar is het heel hard gegaan. Vorig jaar was dat minder, toen verloor ik een half seizoen door de ziekte van Pfeiffer. Nog steeds merk ik daar de naweeën van, vooral op de 200 meter. Voor die ziekte was mijn sterke punt dat ik op de laatste vijftig meter nog hard kon zwemmen, er zat weinig verval in. Dat verval is nu ook niet groot, maar voorheen ging het beter. Ik hoop dat ik me daarin nog ontwikkel. Je ziet vaak dat je op latere leeftijd beter kunt doortrekken op het laatste stuk.’
In zijn trainingsprogramma’s probeert Van Valkengoed eraan te werken. Het zijn schema’s die hij vooral zelf samenstelt. ‘Ik vind het leuk om te weten wat er in je lichaam omgaat, hoe het reageert en hoe je jezelf kunt verbeteren. De jaarplanning heb ik zelf gemaakt, en samen met trainer Fedor Hes hebben we er kritisch naar gekeken. Bij TZA is dat ook een belangrijk motto: zelfstandigheid. Je moet manager zijn van je eigen proces zijn. Dat dwingt je tot nadenken over het zwemmen, over je doelen en hoe je die wilt bereiken.’ Finaleplaatsen, persoonlijke records. De doelen voor het WK zijn duidelijk. Met een schuin oog kijkt Van Valkengoed al naar de Olympische Spelen in 2004. ‘De kwalificatieperiode voor de Olympische Spelen begint tijdens het wereldkampioenschap. Mijn ideaalbeeld is om op het WK de limiet voor de Spelen te halen en in december vormbehoud te tonen. Dan heb ik zeven maanden de tijd om me helemaal voor te bereiden op de Olympische Spelen. Het is een jongensdroom om daarheen te gaan.’




[10 nieuwere berichten] [10 oudere berichten]

All contents copyright
© Zwemkroniek.com
All rights reserved




21 januari 1998
Na zijn WK-finaleplaats in Perth houdt Benno Kuipers zijn vorm vast en vestigt op de 200 school met 2.11.21 een NR bij kortebaan wedstrijden in Sydney.
Na zijn WK-finaleplaats in Perth houdt Benno Kuipers zijn vorm vast en vestigt op de 200 school met 2.11.21 een NR bij kortebaan wedstrijden in Sydney.



Jostalgie.nl zwembeelden van toen

WK korte baan Hong Kong 1999 4x100 vrij mannen

In de bezetting Mark Veens, Johan Kenkhuis, Marcel Wouda en Pieter van den Hoogenband levert de Nederlandse ploeg in Hong Kong een wereldprestatie met het behalen van de zilveren medaille op de koningsestafette.


Bekijk de video op Jostalgie.nl